Vroeger kreeg ik niet meteen het label “de slimste van de klas”. Integendeel.
Ik was een echte speelvogel. Iemand die lachte, droomde, afgeleid was.
Mijn schoolresultaten waren dan ook niet schitterend, maar ik geraakte er altijd door. Op mijn manier.
Ik koos ervoor om verpleegkundige te worden. Niet omdat het makkelijk was, maar omdat ik een groot hart heb. Ik wou zorgen. Helpen. Er zijn voor mensen op hun kwetsbaarst moment.
Maar naarmate ik ouder werd, begon het te wringen.
“Maaaar… verpleegster?”
Die toon. Dat neerbuigende randje. Alsof het niet genoeg was.
Dus wilde ik mij bewijzen.
Aan anderen, maar vooral aan mezelf.
Ik haalde extra diploma’s en brevetten, volgde opleidingen, bleef doorgaan. Stilaan klom ik naar boven. Tot ik uiteindelijk hoofdverpleegkundige werd. Ik had het gemaakt. Ik kon het wel.
En toen… kwam het leven anders binnen.
De diagnose fibromyalgie.
Een CVA.(hersenbloeding)
En daarna: hersenmist.
Plots werd alles wat vroeger vanzelf ging, moeilijk. Onthouden lukte niet meer. Nieuwe informatie bleef niet hangen. Ik begon mezelf duizend keer te controleren, uit angst om fouten te maken. Maar die constante waakzaamheid maakte me niet beter — ze maakte me kapot.
Wat ik vroeger snel kon leren en onthouden, voelde nu onbereikbaar.
Alsof mijn brein niet meer van mij was.
Ik probeerde alles:
agenda’s, kalenders, memo’s, lijstjes, briefjes overal.
Geheugensteuntjes om te overleven in een wereld die blijft doordraaien.
En toch blijft het beschamend voelen.
Alsof ik faal.
Alsof ik niet streng genoeg ben terwijl net die strengheid mij nog zieker maakt.
Het moeilijkste?
Dat anderen het niet begrijpen.
Je ziet het niet.
Je kan het niet meten.
Maar het is er. Elke dag.
Dit is geen luiheid.
Geen gebrek aan inzet.
Dit is leven met hersenmist en leren aanvaarden dat “slim zijn” er vandaag anders uitziet dan vroeger.
En misschien… is mild zijn voor mezelf nu de grootste intelligentie die ik nog kan leren.









Geef een reactie, onderteken met je naam is enkel om te weten wie je bent, geen registratie